Nederland heeft flinke logistieke ambities en ziet groeikansen. Maar dit zal niet zonder slag of stoot worden bereikt. Met het integreren van extra volumes in de huidige logistieke capaciteit lopen we tegen grenzen aan.
Nederland wil zijn logistieke positie binnen Europa verder uitbouwen. Die ambitie is te vinden in de strategische agenda’s van onder meer de Topsector Logistiek en de Logistieke Alliantie. Als klein land faciliteren wij via ons logistiek systeem ongeveer 4 procent van de wereldhandel. De bijdrage van de sector vervoer en opslag bedroeg volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) 4,6 procent van het bruto binnenlands product in 2023.
De groeivoorspellingen van vervoersvolumes van het Centraal Planbureau zijn voor de middellange termijn positief, en ook de Rotterdamse haven verwacht een stijging van het containervolume van 8 miljoen TEU in 2035. Ook de enorme investeringsagenda van de defensie-industrie leidt tot extra vervoer van specifiek materieel. Wel geeft dit logistieke uitdagingen op het gebied van bescherming van gevoelige informatie en vereist het flexibele inzetbaarheid van logistieke capaciteit als de situatie daarom vraagt.
Daadkrachtig beleid en samenwerking is nodig
Het oplossen van deze problemen vraagt om daadkrachtig beleid van alle belanghebbenden met als inzet een toekomstbestendige sector, gericht op groeikansen. Dat betekent klaar zijn voor verwachte, en bestand zijn tegen onverwachte veranderingen. Als één team, vanuit één missie.
De eerste belanghebbende die op scherp moet staan, is het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Investeringen in weg-, water-, en spoorwegen zijn cruciaal om alle transportmodaliteiten optimaal te kunnen gebruiken. En het ministerie moet tegemoet komen aan de gevolgen van klimaatverandering, zoals perioden van laag water op binnenvaartwegen. De komende jaren staan groot onderhoud en uitbreiding van de infrastructuur gepland. Het is cruciaal dat ook het komende kabinet dit op het netvlies heeft. Zonder infrastructuur geen logistiek, zo simpel is dat.
Ten tweede een oproep aan de deelnemers van de Logistieke Alliantie. De ambities van de modal shift zijn niet waargemaakt. Het rapport van juli 2025 van het Expertise en Innovatie Centrum voor de Binnenvaart en Koninklijke Binnenvaart Nederland is helder: het wegtransport in Europa heeft de afgelopen tien jaar aan marktaandeel gewonnen ten koste van de binnenvaart en het spoorvervoer. Hernieuwde inzet op de modal shift is nodig om de capaciteit op het spoor en onze vaarwegen beter te benutten. Dat reduceert emissies en biedt een oplossing voor personeelstekorten en filedruk in het wegtransport.
Als derde richt ik me tot de logistieke bedrijven en hun opdrachtgevers. Dat transportkosten ook in 2026 blijven stijgen, staat vast. De onlangs gepubliceerde rapporten met betrekking Kostenontwikkelingen door Panteia bevestigen dit. Opdrachtgevers en logistieke bedrijven onderhandelen nu daarom vooral over prijzen, maar dat biedt slechts gewin op korte termijn; duurzame oplossingen blijven uit zicht. De enige weg naar structurele kostenbeheersing is een hogere productiviteit per medewerker of per vierkante meter. Benut het potentieel door samen in te zetten op digitalisering, inclusief de mogelijkheden van kunstmatige intelligentie. De eerste successen zijn er al. Digitalisering is volgens het CBS een belangrijke reden achter de productiviteitstijging in het wegtransport van 5 procent in 2024. AI-technologie kan dit percentage nog eens flink versnellen, zo blijkt uit recent onderzoek van de Erasmus Universiteit Rotterdam. Een nieuw AI-model maakt boodschappenbezorging 18 procent efficiënter.
Genoeg kansen dus om de ambities te vertalen naar toekomstbestendige groei. Zoals infrastructuur cruciaal is voor logistiek, is samenwerken als één team met één missie het fundament om onze sterke positie verder uit te bouwen.