Nieuwe werkgroep gaat aan de slag met de bresle test voor eenmalige straalmiddelen

Straalbedrijven hebben de laatste tijd steeds meer problemen om aan gestelde eisen te voldoen voor wat betreft de zoutmeting. Met name bij eenmalige straalmiddelen, al dan niet met passiverende werking, is dit het geval. Als hierop na het stralen een Bresle test volgens ISO-8502-6 en 8502-9 wordt uitgevoerd, komt de geleidbaarheid vaak te hoog uit. De Bresle test wordt uitgevoerd om te bepalen aan de hand van de geleidbaarheid of er geen schadelijke zouten aanwezig zijn op het te coaten oppervlak. Denk hierbij vooral aan chlorides en sulfaten. Echter, niet schadelijke en eventueel passiverende zouten worden ook in deze meting meegenomen. Dit kan een onterecht negatief resultaat van de Bresle test geven, daar waar de lakhechting en corrosiewering hierdoor niet negatief wordt beïnvloed. Soms wordt de lakhechting en corrosiewering zelfs door deze “goede” zouten verbeterd.

De straalmiddelen welke de verhoging in de gevonden geleidbaarheid na de Bresle test niet geven zijn steeds moeilijker te verkrijgen en hierdoor ook steeds duurder. Hierdoor is het voor bedrijven die zich aan ISO-11126/11127 moeten houden steeds moeilijker om aan de gestelde eisen te voldoen. Als antwoord hierop hebben OnderhoudNL en Vereniging ION de werkgroep “Zouttest ten behoeve van eenmalige straalmiddelen” opgezet om tot werkbare resultaten te komen. Deze werkgroep bestaat naast de brancheorganisaties uit leveranciers van (eenmalige) straalmiddelen, applicateurs, test- en inspectiebedrijven, de NEN normcommissie en asset owners en wordt namens OnderhoudNL en ION geleid door Ing. Ralph Bot.

De urgentie voor de markt ligt vrij hoog. Een ISO norm hiervoor aanpassen of ontwikkelen zal al snel 5 jaar in beslag nemen. Daarom heeft de werkgroep besloten om de problematiek initieel via een technisch artikel te benoemen. De uitkomsten van de onderzoeken en het technisch artikel kunnen daarna omgezet worden naar een NPR (nationale praktijk richtlijn). De NPR zou ter zijner tijd naar een Nederlandse NEN norm kunnen worden omgezet, wat de weg vrij maakt voor een nieuwe internationale ISO norm.